Portugal staat bekend om zijn emigranten. Dat zijn in dit geval portugezen die naar het buitenland zijn geëmigreerd om daar een betere toekomst te zoeken en te bieden aan hun gezin. Velen komen pas terug naar Portugal als ze gepensioneerd zijn en hun oude dag rustig willen verderzetten hier.
Elk jaar zijn er 2 grote periodes waar de emigranten naar Portugal terugkeren om vakantie te nemen en dat is de maand augustus en de maand december. Augustus is hier dan officieel gekend als de maand van de emigrant en op 15 aug (de belgische moederkesdag) is het de feestdag van de emigrant. Dat word dan zeer christelijk gevierd in Fátima.
Telkens het hier volloopt van emigranten lopen ook vele “vaste” portugezen gefrustreerd rond, want emigranten lappen alle verkeersregels aan hun voeten, denken dat ze met hun sjieke, grote auto’s overal voorrang hebben, denken dat ze de eigenaar zijn van de supermarkt, vertikken het om hun moedertaal te spreken als ze het niet uitkomt of spreken een andere taal tegen hun kinderen en aan de kassiers gewoon portugees nadat die (de kassier) zijn best heeft gedaan om in de andere zich duidelijk te maken (meestal is dat frans) … en noem zo maar op. Als half portugees kan ik evengoed zeggen dat zelfs ik er gefrustreerd van word als ik dat allemaal zie en hoor, maar zwijg dan maar wijselijk!
Dit jaar zijn er opmerkelijk veel meer vreemde nummerplaten op de baan en dan heb ik het vooral over de met witte achtergrond en 3 rode letters en 3 rode cijfers: de belgische dus! In dit geval dus portugezen die naar België geëmigreerd zijn. Ze moesten eens weten dat die blonde moeder in haar witte kangoo camionette, met portugeze nummerplaat, een echte Belgische is die vloeiend Portugees spreekt met haar dochter! ![]()
(Maar … die altijd portugees spreekt tegen de kassiers!